Posts tonen met het label Jimmy Alter. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Jimmy Alter. Alle posts tonen

maandag 6 juli 2015

Interview Max Cavalera

Deze week kwam de nieuwe single van Soulfly keihard binnen knallen: We Sold Our Souls to Metal. Het is een voorproefje van het nieuwe album dat op 14 augustus uitgebracht zal worden op Nuclear Blast Entertainment. Het is een van de hardste en snelste Soulfly nummers die Max Cavalera ooit heeft neergepend en het doet zeer benieuwen naar de tiende plaat. Om alvast in de stemming te komen hier het nieuwe nummer en een interview dat ik een paar jaar geleden met Max had ten tijden van het 15-jarig jubileum van Soulfly voor het inmiddels ten ziele gegane www.jimmyalter.nl. Onder meer over zijn toen aankomende biografie (met een voorwoord van Dave Grohl) en het toen nog naamloze project samen met Greg Puciato (van Dillinger Escape Plan) wat zou uitmonden in de fantastische band Killer Be Killed.




Interview Max Cavalera over 15 jaar Soulfly, Dave Grohl en Greg Puciato

Hij is het grote boegbeeld van de internationale metalwereld sinds eind jaren 1980 en leverde afgelopen week zijn zeventiende langspeelplaat af. Ik heb het over niemand minder dan Max Cavalera, de bij leven al legendarische zanger/gitarist en oprichter van Sepultura, Nailbomb, Soulfly en Cavalera Conspiracy. Afgelopen week kwam het nieuwe album van Soulfly uit, Enslaved getiteld, en het is dit jaar 15 jaar geleden dat Soulfly werd opgericht. Alle reden dus om eens te telefoneren met Max Cavalera.


Max, ten eerste gefeliciteerd met de nieuwe Soulfly-plaat, welke weer geweldig is. Ten tweede: ik had begrepen dat je een of ander virus hebt opgelopen dat je gezicht deels verlamt, hoe staat het daar mee?


Max Cavalera: Bedankt! Ik ben erg trots op de nieuwe plaat. Wat dat virus betreft: dat schijnt Bell’s Palsy te heten. Ik had er zelf nog nooit van gehoord, maar het is een virus dat door de lucht wordt overgedragen en een neurologisch effect heeft. Het zorgt voor een gedeeltelijke gezichtsverlamming. Ik heb het opgelopen toen ik terugvloog uit Australie. Ik schrok me rot in het begin en dacht dat het een beroerte was. Maar het heeft geen shows in de weg gestaan. Drie weken terug speelden we in Zuid-Amerika en ik kon niet eens met mijn rechteroog knipperen! Maar mijn zangstem was niet beinvloed dus de metal kon gewoon doorgaan! Momenteel is het bijna over, ik heb er nog voor zo’n 10% last van.”


Terug naar Enslaved. Het is een enorm bruut album geworden met veel deathmetal en oude thrashmetal invloeden. De recensies zijn enorm positief en er wordt zelfs gesproken over het beste Soulfly album ooit.


MC: “Ik begin nu een beetje via de pers te vernemen dat er inderdaad veel positieve reacties komen op het album. Ik had eigenlijk geen idee over hoe het ontvangen zou worden. Ik wilde gewoon een extreem album maken en terug naar mijn deathmetal roots gaan. Met een nieuwe bassist [Tony Campos van Asesino en voorheen Ministry, NT] en drummer [David Kinkade van Borknagar, NT] had ik ook de muzikanten om die kant op te gaan. Daarnaast is het album geproduceerd door Chris "Zeuss" Harris, die gespecialiseerd is in het geluid dat ik zocht, namelijk deathmetal zonder de satanistische teksten. Ik denk zelf dat het album uiteindelijk zeer sterk is geworden en ben blij dat dat overkomt bij anderen. Het is een dankbaar gevoel om zoveel positieve recensies te lezen en ik denk dat de fans de plaat ook zeker zullen waarderen. Het is in ieder geval een goed begin van een mooi jaar voor Soulfly.”


Je geeft aan dat je het deathmetal geluid hebt opgezocht voor deze plaat. Heb je de line-up speciaal gekozen zodat dat mogelijk werd, of was de line-up er al voordat je besloot deze kant op te gaan?


MC: “Allebei een beetje. Met de riffs die ik zelf al aan het schrijven was, ging ik al richting de deathmetal. Maar toen David als drummer erbij kwam begon het echt serieus te worden. Toen had ik de riffs en een capabele drummer die mee kon spelen in die oude Morbid Angel stijl. Zo is World Scum ontstaan. Het is niet eenvoudig om dit soort brute deathmetal te spelen en het kost een hoop energie om het tot het einde aan toe interessant te houden. Met deze line-up is dat gelukkig mogelijk en iedereen is bekend met de muziek. Marc [Rizzo, al lange tijd vaste gitarist bij zowel Soulfly als Cavalera Conspiracy, NT] luistert veel naar bands als Cannibal Corpse en Suffocation, Tony speelt in Asesino, een deathmetalband, en David speelde in de blackmetal band Borknagar.”


Soulfly staat erom bekend veelvuldig van line-up te veranderen. Zie je de huidige line-up lang bij elkaar blijven of blijf je toch vasthouden aan het principe van wisselende bandleden?


MC: “Ik vind het feit dat de Soulfly line-up regelmatig wisselt wel goed, dus ik denk dat dat ook wel zo zal blijven. De enige die ik er altijd bij wil hebben is Marc, want ik vind hem een geweldige gitarist en het is fantastisch om met hem samen te werken. Het voelt een beetje alsof Soulfly onze band is. De andere bandleden zullen in de toekomst waarschijnlijk wel weer door anderen vervangen worden, een beetje zoals de Soulfly stijl is. Het hangt heel erg af van de stijl waar ik dat moment naar op zoek bent. Maar voorlopig ben ik enorm blij met de huidige band en wil ik Enslaved aan de wereld presenteren met deze muzikanten.”



Zoals altijd zijn er ook op het nieuwe album met Travis Ryan van Cattle Decapitation en Dez Fafara van Coal Chamber weer geweldige gastvocalen te horen. Zijn er nog bepaalde stemmen waar je in de toekomst graag gebruik van zou willen maken?


MC: “Ja, er zijn er nog wel een aantal waar ik graag mee zou willen samenwerken. Mille Petroza van Kreator, Schmier van Destruction en Tom Warrior van Celtic Frost en Triptykon. Ik zal hen in de toekomst waarschijnlijk ook nog wel benaderen om iets samen te gaan doen. Op deze plaat ben ik erg blij met de bijdragen van Dez en Travis. Dez is een vriend en heeft een geweldige stem, met hem heb ik Redemption of Man by God gedaan. Travis zingt mee op World Scum en met zijn brute stem tilt hij het nummer naar een ander niveau. Zijn stem doet me denken aan de oude Deicide. World Scum is overigens ook de eerste single geworden. Ik denk dat het een goede introductie is voor het album. We hebben er ook een toffe videoclip bij gemaakt, een soort mini-film. Volgens mij is het de meest extreme single die ik ooit heb uitgebracht in mijn carriere!”


World Scum is ook gelijk een mooie inleiding voor het overkoepelende thema van de plaat: slavernij. Dit is een onderwerp dat natuurlijk al eerder in je werk met Soulfly naar voren is gekomen, vooral op de eerste plaat. Denk je dat het deathmetal genre noodzakelijk voor je was om het onderwerp deze keer zo uitgebreid te behandelen?


MC: “Ik denk dat het onderwerp en het genre goed bij elkaar passen. Ik behandel zowel de oude vormen van slaverij in Rome als de Afrikaanse slaven in Amerika en meer moderne vormen van slavernij. Voor mij was het genre van extreme metal een perfect platform om daar aandacht aan te besteden. Traditioneel gezien is de blues de muziek die dat onderwerp behandelt, maar vanuit de rock of metal wordt er niet veel aandacht aan besteed. Ik vind de bruutheid van de muziek goed samengaan met het onderwerp slavernij. De albumcover van Enslaved is er een mooie illustratie van. Het is een echt schilderij overigens, geen digitaal werk. Het ziet er een beetje uit als een ouderwetse thrashmetal albumcover.”

De Nederlanders hebben in negatieve zin natuurlijk een belangrijke rol gespeeld in het hele slavernij gebeuren, dus laat Enslaved hier ook maar hard door de boxen schallen. Je stipt ook moderne vormen van slavernij aan zeg je, doel je daarmee op slaven van het kapitalisme?


MC: “Moderne slavernij bestaat op een verborgen manier. Er zijn kinderen die als slaven in fabrieken moeten werken in bv. Mexico of Thailand. Maar er zijn inderdaad ook, zoals jij zegt, slaven van de maatschappij, mensen die economisch gezien totaal afhankelijk zijn van onderbetaalde banen, soms wel twee of drie tegelijk. In het nummer Chains stip ik dat aan. Het is een nogal episch nummer van bijna acht minuten, dat rustig begint, bijna Bolt Thrower-achtig, en uiteindelijk ontaardt in een deathmetal-sessie. Ik zing daar onder andere “breathe, breathe / the air smells disease” dat ook verwijst naar de verborgen vormen van moderne slavernij. Het voelde goed om deze plaat te maken, om te schrijven over oude en nieuwe vormen van slavernij. Het was eigenlijk al een vijftien jaar oud idee, maar nu was de tijd daar om het daadwerkelijk te doen.”


Dit jaar is het 15 jaar geleden dat je Soulfly hebt opgericht. Staan er nog speciale dingen op de planning?


MC: “Nou, we gaan in ieder geval veel touren. Ik heb mijn familie het grootste deel van de tijd bij me, dus we kunnen vaak het nummer Revengeance spelen [op dit nummer spelen Max zijn drie zonen mee, NT]. Er komt ook een biografie van mij aan, welke wordt geschreven door Joel McIver, een Engelse auteur. We hopen dat het boek rond Kerst uit komt. De intro wordt geschreven door Dave Grohl en er zullen veel gasten in het boek aan woord komen, zoals Chino van Deftones. Er zullen veel interviews in staan en mijn levensverhaal vanaf mijn tijd in Brazilie toen ik Sepultura oprichtte en dan verder. Ik hoop dat het interessant is voor mensen en dat het een opbeurend boek zal zijn. Het gaat over mijn jongensdroom om door middel van muziek een beter bestaan op te bouwen.”

Hoe voelt het, 15 jaar Soulfly?


MC: “Geweldig! Het is bijzonder om te beseffen dat er alweer 15 jaar Soulfly achter me ligt. Het voelt als gisteren dat ik Tribe, Eye For An Eye of No Hope = No Fear schreef... Ik ben ook blij met alle albums, ze waren allemaal het beste dat ik op dat moment kon maken en wilde maken. Het is mooi om te zien dat op ieder album een stuk of vier nummers staan die nu nog steeds favorieten zijn bij de fans. Maar de tijd is wel voorbij gevlogen! Maar ik ben klaar voor nog eens 15 jaar Soulfly!”

Dat is goed om te horen! Je bent sowieso erg productief, naast Soulfly natuurlijk ook met Cavalera Conspiracy. Welk van deze projecten is voor jou de belangrijkste?


MC: “Hmm, dat is een lastige vraag. Ze voelen allebei echt als mijn band. Soulfly is misschien iets specialer, omdat ik het helemaal alleen heb opgericht en het de band is die mijn carriere gered heeft nadat ik uit Sepultura was gestapt. Door Soulfly kon ik doen wat ik zo graag wilde doen, kon ik mijn droom leven en muziek blijven maken. Daarom zal Soulfly altijd speciaal voor me blijven. Maar Cavalera Conspiracy is natuurlijk ook belangrijk voor me, omdat ik daar weer samen met Iggor [de broer van Max met wie hij na de breuk met Sepultura niet meer mee sprak,  NT] in speel. Het was een bijzonder moment om weer herenigd te worden met mijn broer en om weer samen in een band te spelen. Misschien dat Soulfly iets dichter bij mijn hart staat, maar volgend jaar ga ik me ook weer op Cavalera Conspiracy richten.”



Laatste vraag: naar het schijnt ben je ook met Greg Puciato van Dillinger Escape Plan bezig met een project. Klopt dit?

MC: “Ja, het is een beetje een project zoals Nailbomb. Ik heb altijd veel van mensen de vraag gekregen of ik weer wat met Nailbomb ging doen. Dat zal niet gebeuren, maar dit project met Greg kun je zien als een soort Nailbomb Pt. II. De drummer van the Mars Volta is ook van de partij en we hebben nu zo’n vier nummers geschreven. We hebben nog geen naam voor het project, maar we hopen volgend jaar een volledig album uit te kunnen brengen. We zullen dan ook een zeer beperkt aantal shows gaan spelen. Maar het zal alleszins een Nailbomb-vibe hebben, dus denk aan industrial en electronica met een dikke punk-attitude!”

Voorlopig blijf je dus een drukbezet man. Bedankt en geniet van het 15-jarig jubileum!

(gepubliceerd op Jimmy Alter op 23 maart 2012)

woensdag 18 maart 2015

Tiger Pilots - Life

Inmiddels alweer twee jaar geleden had ik een interview met een van Amsterdams meest sympathieke, kwalitatief ass-kickende en fijne bands van die tijd: Tiger Pilots. Dat was 2013. Inmiddels is het 2015 en zijn de heren voor zover ik zelf kan beantwoorden nog steeds zeer sympathiek en erg fijn, maar bovendien kicken ze nog steeds kwalitatief ass. Dit bleek eerder dit jaar maar weer toen ze het nummer Life uitbrachten voor de No Music No Glory campagne, voor de stichting No Guts No Glory, die zich bezig houdt met het inzamelen van geld voor behandelingen tegen kanker die niet door de zorgverzekeraars vergoed worden. Zowel de media als de luisteraar (nummer 1 in de download top 100 van iTunes!) zijn laaiend enthousiast over de track, genoeg reden om hem hier weer eens naar voren te halen.


Het interview dat ik had met Tiger Pilots was toentertijd geplaatst op het alternatieve muziekblog Jimmy Alter, maar dat is helaas ter ziele gegaan. Daarom hieronder nog maar eens dat interview, want deze mannen verdienen de aandacht. Overigens: op 7 mei spelen ze in de P60 te Amstelveen!



Dutch Delight: Tiger Pilots (interview maart 2013)


Soms heb je van die mooie concertavonden, waarbij niet alleen de headliner geweldig is, maar waar je ook positief verrast wordt door het voorprogramma. Onlangs gebeurde dat bij de show van Paul Banks, waar het voorprogramma werd verzorgd door het Amsterdamse Tiger Pilots. We hadden enthousiaste woorden voor hen in onze recensie en we besloten hen op te zoeken om eens nader kennis te maken. Jimmy Alter sprak met hen in het bovencafe van de Amsterdamse Melkweg over hun muziek en hun nieuw te verschijnen EP, die ze dinsdag 5 maart presenteren tijdens een releaseparty in de Sugar Factory.

Het interview met de vier heren van Tiger Pilots (Ramón van Geytenbeek -zang, Derk Zegwaard - drums, Ludwin Schouten - bas en Jonathan Chua - gitaar) doen we in het Engels, omdat gitarist Jonathan het Nederlands nog helemaal meester is. Op een of andere manier past het ook wel bij het geluid van de band, dat absoluut internationale allure heeft. De mannen zijn enthousiast, want over een paar dagen wordt hun EP The Truth About Lies gepresenteerd met een optreden in de Sugar Factory. Ze zijn zeer tevreden met het uiteindelijke resultaat. “We hebben de EP in twee dagen opgenomen in de IJland Studio’s bij Thomas Olivier. Het was voor ons de eerste keer in een professionele studio en we zijn blij met de uitkomst. Thomas kwam met goed ideeen om de nummers met wat kleine aanpassingen hier en daar net wat professioneler te maken. Ze klinken nu echt af, vooral door de toevoeging van electronische elementen. Af en toe kwam hij ook wel op de proppen met wat extreme dingen, maar die hebben we weten te beperken!”

Het geluid is zeker goed te noemen op de EP. De muziek van Tiger Pilots zit in de hoek van de post-punk met vleugjes new wave en indie. De tracks hebben zowel de mooie afstandelijkheid in het geluid dat zo kenmerkend is voor de post-punk, maar tegelijk klinken de nummers ook warm. Volgens de band klinken de nummers vooral erg als Tiger Pilots. “Voor je de studio in gaat heb je een bepaald idee over hoe je muziek moet klinken. Dan is het goed als je met een producer iemand hebt die met een vers oor er naar luistert en dan zijn vingers precies op de goede plekken weet te leggen. Toch is er weinig aan de nummers veranderd. De structuur en de essentie zijn hetzelfde gebleven.”

Tiger Pilots bestaat nu zo’n drie jaar. “De historie van de band gaat terug naar ongeveer 2010. Ramón en Ludwin speelden al wat langer samen onder verschillende namen, maar vanaf 2010 is de band zoals deze nu bestaat compleet, met de toevoeging van Derk en Jonathan. Het mooie is dat het allemaal gewoon klopt in deze formatie.” Het schrijven van muziek gaat de band dan ook goed af. “Het is bijna belachelijk hoe snel we soms nieuwe nummers kunnen schrijven, ze komen werkelijk uit alle hoeken binnen. Het is mooi om te zien dat dat ook geldt voor de complexiteit en volledigheid. We schrijven nog steeds makkelijk nieuwe nummers, maar ze zijn ook steeds meer af en zitten beter in elkaar. Na onze laatste oefensessie hadden we weer twee tracks die bijna af zijn. Op dit moment zitten we zo rond de 30 nummers die we af kunnen ronden.”


Ondanks de ruime keuze aan nummers, was het niet moeilijk te bepalen welke drie er op de EP terecht moesten komen. “De nummers die er nu op staan, geven goed de verschilende facetten weer waar Tiger Pilots voor staat. We voelden alle vier dat met deze selectie de gevarieerdheid van de band naar voren komt. Er staat een wat rustig nummer op, een meer up-tempo dansbaar nummer en eentje die er tussenin zit.” Live kan de band naast mooi en ingetogen of dansbaar zeker ook stevig klinken, hoewel er ook weer geen deathmetal moet worden verwacht. “Haha nee dat zeker niet. Misschien hier en daar wat pirate metal! Maar nee, we hebben wel wat stevigere nummers, maar daarvoor moeten de mensen ons voorlopig live aanschouwen.”

De EP is voor de band een opstapje naar hopelijk meer. De tracks ‘Soothe Me’, ‘Secrecy’ en ‘Ghosts’ doen in ieder geval uitzien naar een volledige debuutplaat. “Op een eventuele LP zullen we nog meer laten zien van onze veelzijdigheid. Dit is nog maar een EP, maar we hopen dat het kan leiden tot vooral meer optredens, zodat we als band kunnen groeien en hopelijk wat geld bij elkaar kunnen sprokkelen om dit te kunnen blijven doen. Dit is onze eerste professionele opname en ook de eerste keer dat we onze muziek de wereld in sturen naar blogs, radio, programmeurs etcetera. Je hebt toch wel een goede opname nodig om op te kunnen vallen. Dat geldt ook voor het artwork, je moet gelijk een goede indruk maken wil je niet ergens onderop een stapel blijven liggen.”


De eerste shows zijn in ieder geval al een feit, met onlangs dus het optreden in de Melkweg en de releaseparty in de Sugar Factory. “Dat was zelfs al de tweede keer in de Melkweg voor ons. Vorig jaar hebben we een korte support tour gedaan met de Boxer Rebellion, toen speelden we ook daar. Dat was sowieso een mooie ervaring en het heeft ons als band zeker sterker gemaakt. Voor het eerst een paar dagen achter elkaar spelen en onderweg zijn, samen spelen met een professionele band van wie je toch dingetjes kunt leren. We spelen nu weer beter dan een jaar geleden. Door zowel die tour als door de opnames in de studio, weten we nu ook beter wat er allemaal mogelijk is met onze muziek, de grenzen van wat Tiger Pilots allemaal vermag zijn een stuk opgeschoven.”

Wat dat betreft ligt de toekomst dus helemaal open en lijkt die ook veelbelovend. We kijken nog even naar de muziek zelf en de invloeden die daaraan ten grondslag liggen. Die blijken zeer uitgebreid te zijn. Van Tom Waits tot aan Radiohead, van vroege punkrock naar post-hardcore, van mathrock tot aan vervreemdende indie -de bandleden halen hun inspiratie overal vandaan. Tekstueel zijn vooral Ian Curtis, Morrissey en Placebo belangrijk geweest. Zanger Ramón haalt zijn inspiratie vooral uit zijn eigen belevingswereld vandaan en schrijft daar donkere teksten over, maar vaak toch met een hoopvolle ondertoon. “De combinatie van de muziek en de teksten zorg soms voor een mooi spanningsveld, omdat de muziek soms tegen het vrolijke en dansbare aanzit, maar de tekst eigenlijk een stuk duisterder is.”

Uiteindelijk is de muziek van Tiger Pilots een amalgaam van verschillende invloeden en stromingen, een perfecte symbiose van klanken en woorden die toch vooral heel erg als Tiger Pilots klinkt. Uniek op hun eigen manier, lukt het hen om een geluid neer te zetten dat zowel fijn als intrigerend is. De teksten zijn sterk en trekken de luisteraar mee een levendige literaire wereld in. Op de EP komt dit al goed naar voren (luister vooral eens goed naar ‘Ghosts’!), maar live wordt hier nog een extra laag aan intensiteit toegevoegd. Tiger Pilots is een band om te koesteren.

(tekst: Niels Tubbing)


woensdag 20 maart 2013

Albumrecensie: Herrek - Waktu Dulu


Herrek is de Papoeaanse verbastering van de voornaam van Gerrit van der Scheer, die zijn jeugd mede doorbracht in Indonesië. De afgelopen jaren maakte hij furore in de Nederlandse muziekwereld met Bonne Aparte en Adept, waarbij vooral de laatste band indruk maakte met stevige muziek. Nu gaat Van der Scheer ook solo onder de naam Herrek en Waktu Dulu (wat zoveel betekent als ‘vroeger’) is zijn debuutplaat, die redelijk ver van zijn werk met Adept af lijkt te staan.
Tekstueel richt Herrek zich op zijn jeugdherinneringen aan zijn tijd in Indonesië en hoewel er aardig wat geluidsindicaties naar die locaties te horen zijn (vooral geluiden van de natuur), doet de muziek ons toch eerder afdwalen naar het Westen. Openingstrack ‘Rain’ is een klein liedje, met rustige gitaarslagen en dito percussie. Er zit een zekere kalmte in die doet denken aan shoegazing in de stijl van Catherine Wheel. Op ‘Down’ horen we de fijne harmonieuze samenzang die het afgelopen decennium zo populair is gemaakt door acts uit Brooklyn. Van der Scheer excelleert met zijn zang in dit nummer, vooral tegen het einde aan als de toon scheller wordt en zijn stem opeens naar voren knalt: “I heard the birds sing!” Mooie track!
De Brooklyn referentie komt nog een aantal keer naar boven bij het beluisteren van Waktu Dulu, bijvoorbeeld in ‘Tiger Eyes’, dat een vervreemdende kwaliteit heeft en neigt naar acts als Animal Collective of Yeasayer. De Rivella slogan borrelt in ons op: vreemd, maar wel lekker! Net als het zeer intrigerende ‘My People’, dat veel vragen oproept, zoals de regel ‘here comes the death’ die intens binnen komt. Duidt Van der Scheer hier op de komst van Nederland in Indonesië? Is de Westerse beschaving ‘the death’ waarover hij zingt? De teksten over het hele album zijn sowieso de moeite waard om goed te luisteren en zorgen ervoor dat Waktu Dulu naast muzikaal ook tekstueel interessant genoeg is om vaak naar terug te keren.
Eigenzinningheid bestaat gelukkig nog steeds en Herrek is daar een mooi voorbeeld van. Deze debuutplaat staat vol verrassende muziek en we mogen stiekem best een beetje trots zijn op het feit dat dit uit Nederland komt. Dit is voor de mensen die net wat meer moeite willen doen om bijzondere muziek te ontdekken.

(Geschreven voor Jimmy Alter)

dinsdag 12 maart 2013

Kalkbrenner kleurt keurig binnen de keta-lijnen


Paul Kalkbrenner
Heineken Music Hall, Amsterdam, 9 maart 2013


Afgelopen weekend was het weer tijd voor 5 Days Off, het jaarlijks terugkerende dancefestijn in de hoofdstad van ons landje. Waar de shows over het algemeen in de Melkweg en de Paradiso plaatsvinden, stond er zaterdag ook nog een feestje in de Heineken Music Hall gepland: Paul Kalkbrenner. Namens Jimmy Alter ging ik eens poolshoogte nemen.
De voordelen van de Heineken Music Hall zijn er zeker. Zoals een goed geluid en vrijwel altijd genoeg bewegingsruimte, zelfs als het uitverkocht is zoals ook deze avond. Nadelen zijn er ook, zoals altijd pokkelang moeten wachten om je jas op te hangen, waardoor het vrijwel onmogelijk is om deze avond voorprogramma Michel de Hey mee te pakken. Maar och, daar malen we niet om, want we zijn hier om de sympathieke Paul Kalkbrenner te aanschouwen. De Duitser gaat al geruime tijd mee in de dance scene (in 2001 bracht hij reeds platen uit op het BPitch Control label van de schone koningin Ellen Allien), maar hij brak echt door met zijn plaatBerling Calling in 2008. Op dit album stond zijn wereldhit ‘Sky and Sand’ dat hij samen met broer Fritz Kalkbrenner (true story) maakte.

Zijn groeiende populariteit heeft ervoor gezorgd dat hij inmiddels dus in de HMH staat. We gunnen hem dat van harte, maar toch zou het fijner zijn geweest om hem in een wat kleinere zaal te mogen aanschouwen. De helft van de mensen vanavond lijkt hem vooral te kennen van zijn wereldhit en lijkt daar dan ook met smart op te wachten. Als Kalkbrenner ‘Sky and Sand’ als een van de allerlaatste nummers toch nog laat horen is dat voor velen een geschenk uit de hemel, maar het had echt niet gehoeven. Kalkbrenner laat namelijk horen een stuk meer in zijn mars te hebben dan dit en het spelen van zijn hitje lijkt een knieval naar de luisteraar. Maar ach, de mensen willen dansen van herkenning en dat doen ze dan ook met blijde gezichten.
Maar genoeg over de afsluiting van zijn set en even terug naar het begin. Het eerste half uur begint Kalkbrenner aarzelend, maar weet hij een licht lentegevoel neer te zetten (zeer welkom met de ellende buiten). Langzaam kabbelt dit gevoel echter weg richting een kale techno dat eigenlijk geen techno is. Kalkbrenner lijkt te aarzelen en het publiek aarzelt met hem mee. Het middenstuk, waarin hij zelfs drie keer doet alsof het feestje al voorbij is, voelt een beetje onwerkelijk en ongemakkelijk. Een gevoel van twijfel bekruipt ons -is dit het? We drinken nog maar eens een plastic pul pils leeg en geven hem nog even het voordeel van onze twijfel.

Dan! Lichtpuntjes! En niet alleen de redelijk toffe visuals (na de visuals van Skrillex en Kraftwerk te hebben gezien imponeert weinig meer op dit gebied), maar ook de muziek. Kalkbrenner lijkt zijn groove te hebben gevonden en begint zowaar te beuken. Zonder daarbij zijn kenmerkende warme geluid te verliezen overigens. Een veel te korte versie van de grandioze remix van 2Raumwohnung’s ‘Wir Werden Sehen’ (die had gewoon de volle negen minuten moeten duren en niet gevolgd moeten worden met een minuut stilte) is de prelude van een fantastisch uur, waarin vooral ‘Gebrünn Gebrünn’ opvalt, dat in een stevige en hypnotiserende variant wordt gedraaid. En dan heeft Kalkbrenner het toch nog voor elkaar: we willen niet naar huis. Neen, wij willen dansen! dansen! en koude pintjes drinken! Hij draait gelukkig een stuk langer door dan gepland, maar om middernacht neemt hij dan toch afscheid van ons.
Kalkbrenner is verre van een avontuurlijke producer of dj die dwars over alle keta-lijnen heen kleurt, maar hij weet toch wel iedere keer een verdomd fijne sfeer neer te zetten. Niet te moeilijk, zodat ook een deel van de minder geoefende muziekliefhebber het kan waarderen, maar toch: nice! En met een warm en goed gevoel verdwijnen we in de ijskoude nacht, waarin we hier en daar sneeuwkastelen in de lucht lijken te zien…
[Geschreven voor Jimmy Alter]

donderdag 23 juni 2011

Interview met Kaiser Chiefs over hun nieuwe album The Future is Medieval

Namens Jimmy Alter sprak ik op woensdag 15 juni met Simon Rix, bassist van de Kaiser Chiefs, over hun nieuwe album The Future is Medieval. 


Simon, gefeliciteerd met het nieuwe album. Dat kwam nogal als een verrassing uit de lucht vallen, het leek wel of het er ineens was?

Simon Rix: Ja dat klopt, hoewel we er wel lang aan hebben gewerkt. We wilden een statement maken en graag iets anders doen. Twee jaar na een plaat met een nieuw album komen, een teaser-track uitbrengen… we vonden dat een beetje saai worden. We wilden iets brutaals doen. Het idee dat mensen dachten ‘hmm, Kaiser Chiefs, tijd niets van gehoord, ben ze bijna vergeten, wat zouden zij uitspoken?’ en dat dan een dag later: hoppa, 20 nieuwe nummers!

Het heeft zeker de nodige aandacht gegenereerd.

Simon: Zeker en dat is heel mooi. Maar we hadden het ook nodig voor onszelf, iets nieuws om onszelf ook te motiveren.

In welke periode zijn de nummers geschreven voor dit album?

Simon: De meeste denk ik vanaf 2010. Aan enkele nummers hebben we zelfs tot in mei dit jaar nog gewerkt, tot vlak voor de release. Eén nummer, ‘Man on Mars’, is echter al vrij oud. Toen Nick, Peanut en ik op school zaten hadden we ook een bandje, toen hebben we dat nummer al geschreven. Hoewel, het nummer was eigenlijk nooit af en we waren het al lang vergeten, tot we het recent weer terugvonden en nu hebben afgemaakt.



 Kaiser Chiefs (foto door Danny North)


De vorige albums hadden allemaal een vrij kenmerkend geluid, zeker voor de tijd. The Future is Medieval klinkt een stuk tijdlozer, met fragmenten die doen denken aan bands als Blur, Suede en the Beatles. Er klinken zelfs Oosterse invloeden in door?

Simon: Dit was de eerste keer dat we de mogelijkheid en tijd hadden om echt aandacht aan de nummers en productie te besteden. We hadden deze keer eindelijk de tijd om er echt voor te zorgen dat het uiteindelijke resultaat precies is wat we zochten. We wilden er ook voor zorgen dat alle twintig nummers in ieder geval kwalitatief goed waren, dat er geen lelijk eendje tussen zou zitten. We hebben ook met veel verschillende producers gewerkt, dat was ook erg fijn.We hebben echt per nummer gekeken naar hoe we wilden dat het zou klinken. We hebben onder andere samen gewerkt met Owen Morris, die het derde album van Oasis heeft geproduceerd, en Gruff van Super Furry Animals. Daarnaast hebben we een aantal nummers zelf opgenomen in de studio van Nick. We hadden alle vrijheid.

Had het label geen haast met een nieuw album?

Simon: Niet echt. Onze manager vroeg ons gewoon af en toe of we al klaar waren en wij zeiden iedere keer ‘nee!’. Naast het werken aan de nummers waren we ook druk bezig met de website. We wilden alles perfect hebben en tegelijk lanceren. Onze vorige plaat was voor de release al gelekt, dat was jammer en dat wilden we nu voorkomen. We probeerden alles geheim te houden en waren weer net zo zenuwachtig als toen onze eerste cd uitkwam. Ik heb ook niemand er iets over gezegd, behalve uiteindelijk mijn vader en moeder, want die begonnen te denken dat ik weer eens niets aan het uitvoeren was!

Was het lastig om tot twintig nummers te komen? Had iedereen in de band dezelfde twintig nummers in gedachten?

Simon: We hadden en hebben allemaal onze eigen favorieten natuurlijk, maar er staat nu geen enkel nummer op dat niemand leuk vindt.

Met deze aanpak van jullie lijkt het idee te verdwijnen dat de trackvolgorde op een album een verhaal vertelt, een sfeer neerzet?

Simon: Aan de ene kant heb je daar wel gelijk in, maar dat past ook weer in de huidige wereld waarin de meeste mensen een aantal losse nummers op hun iPod zetten. Aan de andere kant krijg ik juist heel veel feedback van mensen die naar me toe komen en vertellen over hun keuze uit de twintig nummers en de volgorde waarin ze die hebben gezet. De mensen denken juist heel veel na over die volgorde en creëren zo hun eigen verhaal. Dat maakt het meer een album in de traditionele manier dan enkele losse nummers downloaden en die in je iTunes gooien. Daarnaast komt later deze maand het album uit met onze eigen keuze, dus dat wordt dan het verhaal van de Kaiser Chiefs.



De nieuwe nummers hebben over het algemeen een iets donkerder uitstraling dan jullie oude werk. Was dit een bewuste keuze?

Simon: We hebben altijd wel een ironische blik op de donkere kanten van het leven gehad, zoals bijvoorbeeld in ‘Everyday I Love You Less and Less’ en ‘I Predict a Riot’. Maar wat geluid betreft klopt het wel, we hebben nu meer stemmige nummers, alleen weet ik niet of dat nu echt bewust is gegaan… De teksten zijn wat donkerder en we wilden dat de muziek dit keer bij de teksten zou passen. We hebben natuurlijk altijd al gedacht dat we briljante nummers schreven, maar soms werden we weggezet als een ‘singles-band’.  Waar wat mij betreft overigens niet zoveel mis mee is.
Maar we wilden dit keer ook muziek schrijven die iets ingewikkelder is, meer muzikaal, wat waarschijnlijk vreemd is om te zeggen als het over muziek gaat… Maar het was erg tof om te experimenteren met nieuwe elementen. We hebben ook een aantal nummers opgenomen in een live-setting en dat hoor je er ook in terug. Die nummers ademen meer, je hoort bijna de ruimte waarin ze zijn opgenomen, een beetje zoals op oude Motown platen.

Jullie hebben nu op Pinkpop gespeeld en staan straks ook weer op Rock Werchter. Spelen jullie op de festivals ook al veel nieuwe nummers?

Simon: We willen graag de nieuwe nummers spelen en daarmee mensen overtuigen van onze huidige kwaliteiten, natuurlijk. Maar we houden ook van de oude kenmerkende Kaiser Chiefs energie en de reacties op onze oude nummers. Het is altijd een moeilijke keuze, maar we zorgen er gewoon voor dat we onze nieuwe nummers met een enorme overtuiging overbrengen!

maandag 29 november 2010

65daysofstatic steekt Underworld naar de kroon

Tall Ships / Nedry / 65daysofstatic in de Sugar Factory, Amsterdam, 19 november 2010

Het had wat voeten in aarde, dat binnenkomen in de Sugar Factory afgelopen vrijdag. Sinds ze een samenwerkingsverband met de Melkweg hebben, vinden er af en toe 'Melkweg-concerten' plaats in de normaal gesproken meer op club gerichte Sugar Factory. Wat infrastructuur betreft moeten er nog een aantal zaken worden fijngesteld. Bij de ingang van de club kunnen er namelijk geen Melkweg-lidmaatschappen worden gekocht, en ook voor de gastenlijst moet je bij de Melkweg zijn. Na dus in de rij te hebben gestaan bij de Sugar werd ik teruggestuurd naar de Melkweg. Daar aangekomen bleek de +1 niet op de gastenlijst te staan, een tegenvaller. Wat ook tegenviel: ik was mijn camera vergeten. Gelukkig woont een vriend die mee was op loopafstand van de Melkweg (in tegenstelling tot mijn fietsafstand) en had hij wel een camera liggen. Hiervan bleken echter de batterijen vrijwel leeg, waardoor er slechts enkele try-out foto's gemaakt zijn, uiteindelijk... Gelukkig zijn er tegenwoordig genoeg mensen die filmen bij concerten, dus ik zal hier wat Youtube video's inlassen. Goed, genoeg gezeur, op naar de muziek.

Tall Ships

Door bovengenoemde ellende miste ik het optreden van Tall Ships. Mensen in de zaal waren gematigd enthousiast over deze band. Zoek er wat van op zou ik zeggen. Wel op tijd was ik voor Nedry. Deze Engelse band maakt een soort mix tussen Ladytron en Animal Collective, alleen dan een aantal decibel lager. Mooie, sferische muziek, alleen toch een beetje saai af en toe. Er mocht wat mij betreft wel iets meer pit in. De band kwam vrij sympathiek over, waardoor er wel een leuke sfeer ontstond en de band ook op een mooi applaus kon rekenen. Maar het echte wachten was natuurlijk op 65daysofstatic.


Nedry

Voor mijzelf was dit alweer de tiende keer dat ik de mannen uit Sheffield aan het werk ging zien. Het mooie aan deze band is dat het eigenlijk niet uit maakt hoe vaak je ze ziet, want de energie blijft van deze gasten afspatten. Ze spelen iedere show alsof het hun laatste zal zijn en staan met volledige overgave op het podium. Ook dit keer in de Sugar Factory was het duidelijk dat, zodra de eerste tonen klinken, de muziek zowel band als publiek naar hogere regionen zou vervoeren.

65daysofstatic - Crash Tactics (gefilmd door Otkurom)

De setlist bestond uit een mooie mix tussen oud en nieuw materiaal, wat grofweg verdeeld kan worden in minder en meer electronisch. De band toverde uit verschillende synthesizers een arsenaal een geluiden, variërend van vage sferische tonen tot aan stampende technobeats, en legde daar overheen een lading aan lagen bestaande uit gitaar, drums en bas. Vooral de drummer, die zijn drumstel afranselde alsof hij hem na het optreden niet meer nodig had, lijkt een drijvende kracht op het podium. Het mooie aan het optreden was ook dat de bandleden regelmatig wisselden tussen instrumenten en synthesizers. Vrijwel allemaal drumden ze op een gegeven moment ergens op, wat een erg energieke show opleverde.

65daysofstatic - Radio Protector (gefilmd door Otkurom)

Naast oude publieksfavorieten als Retreat! Retreat! en Radio Protector, speelde de band ook twee nieuwe nummers van de Heavy Sky EP. Lange nummers, die rustig opbouwden naar euforische climaxen, iets waar 65daysofstatic sowieso goed in is. De reguliere set eindigden ze met mijn eigen nieuwe favoriete nummer: Tiger Girl. Met dit nummer steken ze een act als Underworld naar de kroon. Tiger Girl is de Born Slippy van 2010 en als Trainspotting nu geschreven/verfilmd zou worden, zou Tiger Girl prominent in deze film aanwezig zijn. Live werd dit nummer geniaal uitgevoerd, waardoor er een fantastisch gevoel van saamhorigheid werd gecreëerd in de zaal tussen fans en band, en na afloop van dit nummer barstte er een enorme ontlading los bij de toeschouwers. De band kwam nog terug voor één toegift, omdat ze die avond al weer snel terug naar Engeland moesten. Het is weer wachten op hun terugkeer. Gelukkig houden de heren van 65daysofstatic van optreden en kunnen we ze zeker volgend jaar terugverwachten.

(Geschreven voor Jimmy Alter)