zaterdag 21 april 2012

Ólafur Arnalds & Nils Frahm - Stare

Het in Londen gebaseerde label Erased Tapes richt zicht sinds 2007 op een breed spectrum aan cinematografisch aandoende muziek. Oprichter Robert Raths heeft het in de afgelopen jaren voor elkaar gekregen om een familie aan gelijkgestemde muzikanten samen te stellen met een internationaal karakter. Twee belangrijke namen die hieronder vallen zijn de IJslandse neo-klassieke componist Ólafur Arnalds en de Duitse muzikant en componist Nils Frahm.


Tijdens een spontane jamsessie ergens in 2011 kregen Arnalds en Frahm het idee voor een samenwerking. Een eerste sessie vond plaats in de studio van Frahm in Berlijn, waar uiteindelijk de track 'b1' uit is gekomen. In de woorden van Frahn: "I plugged in some old analogue synths and we played for four days until late in the night". Het uiteindelijke resultaat mag er zijn. Het nummer 'b1' doet in het eerste deel denken aan een moderne variant van 'In the Hall of the Mountain King', tot halverwege een onheilspellende kick de sfeer licht doet kantelen. De toevoeging van de cello (prachtig ingespeeld door Anne Müller, met wie Frahm al eerder samenwerkte) doet het unheimische gevoel langzaam over gaan in melancholie, alsof de gedachte aan een verontrustende verschrikking verwordt tot een staat van gemis. Het lijkt erop dat Frahm in deze compositie verantwoordelijk is voor de meer experimentele pianoklanken en Arnalds voor de melancholie, maar tegelijk is het onmogelijk goed te duiden wie wat doet, een teken dat deze samenwerking niets minder is dan een prachtige symbiose.



Ólafur Arnalds & Nils Frahm - Stare by Erased Tapes
 
Waar 'b1' in Berlijn is opgenomen, zijn Frahm en Arnalds voor 'a1' en 'a2' opnieuw bij elkaar gekomen, ditmaal in de studio van Arnalds in IJsland. Volgens Arnalds is het verschil van locatie terug te horen in de muziek: "(...) that is the most interesting thing about this record for me: that subtle but significant different in the characteristics of the music two people made in Iceland against what the same two people made in Germany". Of het aan de omgeving ligt of niet, de A-kant lijkt een hoopvoller geluid te herbergen dan de b-kant. Misschien speelt het onheilspellende verleden van Berlijn onbewust een rol in 'b1' en geeft het onmogelijke landschap van IJsland een gevoel dat toch meer richting een verwarde lichte innerlijke euforie gaat. Zowel op 'a1' als op 'a2' lijkt de muziek openingen te creëren en de ervaring ruim baan te bieden om nieuwe horizonten op te zoeken.



Het geheel van 'a1', 'a2' en 'b1' hebben Arnalds en Frahm ter gelegenheid van het vijfjarig jubileum van Erased Tapes als verrassing aangeboden aan oprichter Raths. De release, onder de naam Stare, wordt vandaag 21 april exclusief aangeboden in de Erased Tapes online winkel. Een absolute musthave voor de liefhebber van neoklassiek meets ambient/electronic.

zaterdag 31 maart 2012

Live review: Chimaira komt kracht tekort in de Melkweg

Vrijdagavond 30 maart stond de Oude Zaal van de Melkweg in het teken van metal. De Amerikaanse giganten van Chimaira stonden sinds lange tijd weer eens in Nederland op de planken, dit keer met Re-Armed in het voorprogramma.

De Finnen van Re-Armed spelen een soort variant op de bekende Gothenburg metalIn de Melkweg kwam hun muziek bij vlagen goed over, maar over het algemeen wisten ze niet een erg goede indruk achter te laten. Deels kwam dit doordat het geluid niet helemaal lekker was afgesteld, maar de vreemde podiumpresentatie was er ook zeker debet aan. Alle bandleden waren gekleed in een soort oorlogsoutfit uit de Eerste Wereld Oorlog en daarbij nog geschminkt ook, waardoor de muziek meer over kwam als een soort loopgravenmetal.

Op een gegeven moment liepen er twee mannen in witte pakken rond te banjeren, inclusief gasmasker, alsof er een mosterdgas-bom was ontploft. Wat ze nu precies deden, behalve de bandleden afleiden, werd mij niet geheel duidelijk. Een pluim voor de drummer, die stevig op zijn kit liep te hengsten, maar verder was de show van Re-Armed niet echt de moeite waard.

Het was dus hopen op een vette show van Chimaira. Helaas kwam deze hoop niet helemaal uit deze avond. Een band als Chimaira moet eigenlijk gelijk vanaf het begin beukend door de zaal klinken, maar de eerste paar nummers was het geluid verre van perfect. Dit werd gelukkig wel snel beter, alleen viel het op dat zanger Mark Hunter niet goed bij stem was. Tijdens eerdere shows duurde het wel vaker een paar nummers voordat hij alle screams goed wist te pakken, maar deze keer lukte het bij slechts een aantal nummers.

Zo werd ‘Nothing Remains’, dat al als derde nummer werd gespeeld, niet met de gebruikelijke bruutheid gebracht. Gelukkig waren de overige bandleden wel zeer strak en speelden ze de nummers zeer goed. Ondanks dat er naast Mark Hunter in deze touring line-up geen originele bandleden meer zitten (gitarist Rob Arnold had geen zin om te touren), werd de muziek zeer vet gespeeld.

Op een aantal momenten was de magie ook zeker wel aanwezig, vooral als de toetsenist met een lage grunt Hunter te hulp kwam. Maar van een band als Chimaira en een zanger als Mark Hunter mag toch wat meer verwacht worden. Een ruime voldoende krijgt deze show wel, maar Chimaira kwam kracht te kort voor een pluim of stempel.

dinsdag 27 maart 2012

Aucan -geniaal amalgaam van postrock, electronica en noise

Woensdag 28 maart speelt het Italiaanse Aucan in de OT301 in Amsterdam en op donderdag 29 maart in het Paard van Troje in Den Haag. Deze Italiaanse band is sinds 2007 bezig aan een geweldige opmars in de Europese electronica scene. Het drietal uit Brescia begon als een soort funky noiserock trio, iets dat ook op debuutplaat Aucan (2008) te horen is. Duidelijk is dat de muziek van de Italianen zich de afgelopen jaren heeft doorontwikkeld. Via een meer dubstep-achtige benadering op de DNA EP (2010), is het geluid op de meest recente plaat Black Rainbow (2011) een amalgaam geworden van noise, dubstep, postrock en experimentele electronica. Wat overheerst is een donker en onheilspellend geluid, met onrustbarende zangstukken verwerkt in de intelligent opgebouwde geluidsstructuren.



Live heeft Aucan de afgelopen jaren een steengoede reputatie opgebouwd. De muziek is tijdens de liveshows nog intenser en de drie Italianen geven een overdonderende energieke show weg. Vergelijkingen met bands als 65daysofstatic, HEALTH en Fuck Buttons zijn al gemaakt, hoewel de sterkte van Aucan ook schuilt in het feit dat ze een geheel eigen geluid hebben. Ze hebben al in het voorprogramma gestaan van Placebo, Tim Hecker en Steve Aoki en zijn inmiddels toe aan hun tweede Europese tour als headliner sinds Black Rainbow vorig jaar is uitgekomen. Aankomende woensdag in OT301 met Knalpot in het voorprogramma en donderdag dus in Paard van Troje, met in het voorprogramma de Nederlandse live elektro/techno/rave-act Black Oysters.

maandag 26 maart 2012

Goed gesproken tijdens Vodafone Firestarters. "It is the artist that matters."

Vodafone Firestarters



Onlangs vond 5 Days Off weer plaats, het jaarlijks terugkerende festijn in Amsterdam dat zich probeert te richten op vernieuwende elektronische muziek. Vaak komt het erop neer dat er acts staan die of al lang bewezen hebben een belangrijke speler in de scene te zijn, of acts die in het voorgaande jaar zodanig gehypet zijn dat de festivalorganisatie er niet omheen meent te kunnen. Dit zorgt ieder jaar voor zeer geslaagde feesten in de Paradiso en de Melkweg, waar de programmering plaatsvindt, maar vernieuwend is het toch zeker niet te noemen. Wellicht interessanter is de randprogrammering. Naast muziek richt het festival zich ook steeds meer op (andere) vormen van kunst. Vooral de laatste jaren krijgt beeldende kunst in samenhang met moderne technologie veel aandacht, wat regelmatig interessante exposities of installaties oplevert. Ook wordt er, in navolging van het Amsterdam Dance Event (zo lijkt het), gepraat, gesproken en gedebatteerd. Zo was er donderdag 8 maart bijvoorbeeld een Vodafone Firestarters avond. Firestarters is een terugkerend platform waar onder leiding van een presentator verschillende gasten met elkaar in debat gaan over een verscheidenheid aan onderwerpen. Na eerder dit jaar bij de Amsterdam Fashion Week neergestreken te zijn, was nu ook 5 Days Off aan de beurt.

The Future of Clubbing

Firestarters vond plaats in De Balie, dat dit jaar weer als het zenuwcentrum van 5 Days Off fungeerde. Er stonden twee sessies op het programma deze avond, namelijk een debat over 'The Future of Clubbing' en vervolgens nog eentje over 'Het Amsterdamse nachtleven'. Voor sessie 1, over de toekomst van de clubscene, waren Dave Clarke, dj, en Myra Driessen, promoter van de Sugar Factory, te gast. De sessie werd gepresenteerd door Sander Kerkhof en Jojanneke van der Veer, beter bekend als Wannabeastar. Een interessante vraag die behandeld werd was of in het toekomstige uitgaansleven nog volstaan kan worden met gewoon een goed geluidsysteem en goede muziek, of dat het steeds belangrijker wordt dat alle zintuigen van de clubgangers worden geprikkeld. Steeds vaker speelt kunst een belangrijke rol tijdens dancefeesten en ook met (digitale) techniek wordt geprobeerd om er alles aan te doen om verveling bij het publiek tegen te gaan. Dave Clarke ziet zeker leuke initiatieven voorbij komen, maar waarschuwde wel dat het geen circus moet worden en dat de muziek toch wel het belangrijkste moet blijven. Volgens Wannabeastar hangt het erg van het soort publiek af dat je wil trekken. Myra Driessen was het hier mee eens en noemde het onderscheid tussen de mensen die voor een totale ervaring uitgaan en de mensen die net zo lief in een donkere technobunker met drie lampen staan, als de muziek maar goed is.


Toch is de opkomst van alle mobiele technologieën een niet tegen te houden golf die de clubs aan het overspoelen is. Aan de ene kant zien zowel Dave Clarke als Myra Driessen positieve aspecten hieraan, maar ze worden soms ook horendol van het gebruik van mobieltjes in de zaal en zijn in sommige gevallen wel voor een verbod op de dansvloer. Driessen wijst erop dat mensen meer bezig zijn met het opnemen van de avond met hun cameraatjes dan met het daadwerkelijk beleven van de ervaring. Clarke vindt dat clubs donkere plekken moeten zijn, gevaarlijk en met een randje. In zijn woorden wordt de clubervaring tam gemaakt, veilig genoeg om via Facebook aan vrienden en zelfs familie te laten zien. Er worden teveel foto's gemaakt van elkaar (Clarke: "Are they shooting for a website recognizethisass.com or what?) en er is te weinig aandacht voor de muziek. Weg van de dansvloer dus met de mobieltjes!

Een andere vraag richtte zich op de vraag of er nog steeds Superstar dj's bestaan. Driessen vindt dat er zowel een 'God is a dj' cultuur bestaat als een kleinere alternatieve scene, dus dat er zeker nog wel supersterren onder de dj's zitten. Wannabeastar vindt dat de benaming 'dj' eigenlijk een verkeerde is, omdat de meeste supersterren in het vak tegenwoordig bekend zijn geworden door hun producer-skills en pas op de tweede plaats een dj zijn. Clarke ziet de benaming als Superstar dj als een vorm van luie journalistiek. "Ze hebben mij ook vaak genoeg een superstar dj genoemd, maar ik vind dat je dan ook ladingen hoeren en drugs moet hebben en dat heb ik toch echt niet. Hoewel ik wel soms met een privé-jet vlieg!" Zelf stel ik nog de vraag aan Dave Clarke hoe hij tegen het 'synq-en' aankijkt, de techniek die ervoor zorgt dat een dj met een eenvoudige druk op de knop ervoor kan zorgen dat de BPM's gelijk lopen. Hij ziet dat het een democratiserend effect heeft op de dj-wereld, in de zin dat dj's die voor geen meter twee platen gelijk kunnen laten lopen nu toch een erg sterke set neer kunnen zetten, omdat ze wel gevoel voor muziek hebben en een fantastische sfeer weten neer te zetten. Maar er zijn ook dj's die zeer goed de platen gelijk kunnen laten lopen, maar totaal niet de diepte in weten te gaan met hun muziek. Iemand die dat wel kan is Speedy J, die zowel met vier decks tegelijk draait als een aantal extra tools gebruikt om zo iedere keer voor een unieke live-set te zorgen. "In the end it is the artist that matters, not the technology." Amen to that mr. Clarke.


Het Amsterdamse nachtleven



De tweede sessie was naar de mening van ondergetekende wat minder interessant, hoewel het affiche er op voorhand wel interessant uitzag. De twee presentatoren Kerkhof en Wannabeastar gingen dit keer in gesprek met de versgekozen nachtburgemeester van Amsterdam, Mirik Milan, en CDA-raadslid van Amsterdam Marijke Shahsavari. Tot verbazing van Milan vertelde Shahsavari gelijk dat ISIS, de vorige nachtburgemeester, wel eens op het stadhuis aanschoof om in gesprek te gaan met de gemeenteraad over verschillende onderwerpen. Milan was hierdoor positief verrast en vertelde te hopen ook daadwerkelijk serieus genomen te worden als nachtburgemeester. Een negatief punt bleek gelijk uit het gebrek aan invloed dat hij uit kan oefenen op het nieuwe Koninginnedag-beleid van de gemeente. Al langer bekend was dat de grote evenementen dit jaar uit de stad werden geweerd, maar nu blijkt dat ook kleinere evenementen, zoals op het Marie Heinekenplein en op het Amstelveld, dit keer niet op een vergunning kunnen rekenen. Alles uit naam van de veiligheid. Dit stokpaardje werd helaas het hele gesprek door Shahsavari opgevoerd, waardoor alles eigenlijk een beetje verzandde in de gulden middenweg. "Ja we willen veel maar we kunnen weinig want we moeten rekening houden met iedereen." Het was duidelijk dat Shahsavari gepokt en gemazeld is in de gemeentelijke politiek, want ze antwoordde overal, tsa, politiek correct op, waardoor er weinig vuur in het gesprek kwam.




Toch werden er nog een aantal interessante zaken aangestipt door Milan, zoals het geweld tegen homo's en de mogelijkheid van een soort mini 24-uurseconomie. Het geweld tegen homo's is helaas nog steeds een probleem in de stad en Milan zou graag zien dat er meer tegen wordt gedaan door de gemeente. Shahsavari erkende het probleem, maar geeft aan dat het tegelijk lastig is, omdat er gewoon te weinig capaciteit aan agenten is. Wel wordt er door wethouder Van Es (o.a. van Diversiteit, Inburgering & Integratie) aandacht aan besteed in de vorm van betere voorlichting al op de scholen. De idee is om aan het bestaan van een homoseksuele geaardheid ook bij seksuele voorlichting aandacht te geven, zodat kinderen er op jonge leeftijd al mee in aanraking komen en het onderwerp zo ook mee bespreekbaar wordt. Shahsavari was wel gekant tegen de idee van een 24-uurseconomie. "Wij van het CDA vinden dat er een gemeenschappelijk rustmoment moet komen, daar is de zondag voor bedoeld." Juist. Toch was ze niet geheel tegen een idee van Milan, die graag eens een experiment uit zou willen voeren met het bestaan van een 24-uurseconomie binnen in een gebouwencomplex, of een klein deel van de stad. Benieuwd of dat er ooit van gaat komen. Presentator Kerkhof probeerde hier en daar een beetje olie op het vuur te gooien door drugsgebruik aan te stippen, maar Milan negeerde de materie vrijwel geheel en Shahsavari was vrij resoluut over het onderwerp.

Al met al was het een leuke avond met interessante opmerkingen en visies, hoewel er de volgende keer misschien wel wat meer peper in mag en wat minder politieke beleefdheid. Het programma heet niet voor niets Firestarters...

donderdag 12 januari 2012

A Winged Victory for the Sullen krijgt Paradiso muisstil

A Winged Victory for the Sullen

+ Sleepingdog

Paradiso, Amsterdam
10-01-2012


Afgelopen dinsdagavond stond er een interessante act op het programma in de kleine zaal van Paradiso: A Winged Victory For The Sullen. Dit project van Dustin O’Halloran en Adam Wiltzie (Stars Of Lid) behelst een samenspel waarbinnen de mooiste elementen van ambient en klassiek tot elkaar komen.

Het voorprogramma deze avond is op zichzelf staand al de moeite waard om naar Paradiso te komen op deze druilerige dinsdagavond: Sleepingdog. Dit is één van de vele projecten van de Nederlandse Chantal Acda (die voornamelijk vanuit België opereert). Naast Sleepingdog speelt ze ook nog onder de naam Chacda en samen met Craig Ward vormt ze het duo True Bypass.

Sleepingdog staat, zoals eigenlijk al het werk van Acda, voor prachtige en ingetogen muziek. In deze formatie wordt ze bijgestaan door niemand minder dan Adam Wiltzie zelf, met wie ze samen het album With Our Heads in the Clouds and Our Hearts in the Fields heeft opgenomen. Sowieso is er aan grote namen geen gebrek op deze plaat, want Hildur Guðnadóttir neemt het cello-werk voor haar rekening.

Deze avond in Paradiso staat Acda (gitaar, piano en zang) samen met Wiltzie (gitaar) op het podium en worden ze op percussie ondersteund door Tom Lezaire. Wiltzie speelt gitaar, maar verwacht geen akkoorden of riffs van deze man, die bekend staat om het creëren van geluidslagen die zowel prachtig als beklemmend zijn. Ook in Sleepingdog vervult hij deze rol, maar de nadruk ligt op de pracht en met mooie open onderlagen vormt hij een sterke basis van de liedjes. Deze worden overigens schitterend ingekleurd door Acda, die met haar enigszins hoge en breekbare stem de luisteraars hypnotiseert.



(live in Eindhoven, 24 mei 2011, gefilmd door kkpgijsbers)


Het lichte akoestische gitaar- en pianospel en de gedetailleerde percussie maken de muziek af en wat bijna niemand voor mogelijk houdt gebeurt: Paradiso is stil, muisstil. Acda grapt dat ze dit heuglijke feit op haar Facebook zal gaan zetten: “Hollanders kunnen toch stil zijn.” Waarop ze, als bijna niemand in de zaal reageert, volgt met: “Iets te stil zelfs misschien…” Maar ze kan het haar publiek niet kwalijk nemen dat het niet uitbundig reageert op haar (nochtans leuke) kwinkslagen, want de mensen zijn betoverd door de wonderschone liedjes. Als de betovering uiteindelijk na het laatste nummer verbroken is, krijgt Sleepingdog een geweldig en verdiend applaus. Graag een snel vervolg.

Men zou bijna vergeten dat er nog iets op het programma staat deze avond, maar hoofdact A Winged Victory For The Sullen moet nog komen. Het album dat ze enkele maanden geleden hebben uitgebracht, simpelweg A Winged Victory For The Sullen getiteld, staat vol met drie kwartier auditieve schoonheid aan instrumentale muziek die het midden houdt tussen klassiek en ambient.

De twee vrienden hebben elkaar op een geweldige manier gevonden in deze samenwerking, die mede tot stand is gekomen door hun gedeelde rouw om het verlies van Mark Linkous (de man achter Sparklehorse pleegde in 2010 zelfmoord), met wie beide heren goed bevriend waren. Of de plaat een requiem is of een hoopvolle opening naar de toekomst durf ik niet te zeggen, maar de muziek weet je als luisteraar mee te nemen naar dromerige werelden en raakt je tegelijk in je fundament.

Rond half negen komt Adam Wiltzie terug op het podium, ditmaal met kameraad Dustin O’Halloran, twee violisten en een celliste. Dat de klassiek aandoende stukken live gespeeld gaan worden door een mini-orkest is natuurlijk geweldig, want dit geeft een stuk meer dynamiek dan als er slechts een tape wordt meegespeeld. Met O’Halloran links op het podium op piano, Wiltzie rechts op gitaar en de drie dames in het midden is het publiek deze avond getuige van een mooi samenwerkingsschouwspel tussen rasmuzikanten.



(Gefilmd door bubbagstring)


De muziek staat in feite natuurlijk al, maar met regelmaat zie je de muzikanten elkaar op het podium sturen, corrigeren en aanmoedigen. Hierdoor is het optreden niet alleen interessant voor de oren, maar kun je ook je ogen de kost geven. Helemaal omdat sommige nummers ook nog ondersteund worden door intrigerende visuals op een groot scherm. Maar toch blijft de muziek vanzelfsprekend de hoofdmoot. Het pianospel van O’Halloran is dan weer mooi, dan weer onheilspellend. Wiltzie creëert fijne lagen geluid die de nummers samen met het aardse cello-geluid een plek geven in het hier en nu, wat bijna ook wel nodig is met het hemelse vioolspel dat zorgt voor een meer ruimtelijke ervaring.



(Gefilmd door bubbagstring)


Sommige nummers zijn kort (te kort!), andere weer wat langer, maar het publiek weet zich wederom muisstil te houden. Hier staan (en aan de zijkant zitten) mensen die puur voor de muziek komen en de muzikanten het respect betuigen dat ze verdienen. Het helpt natuurlijk dat de muziek, meer zelfs nog dan op plaat, de luisteraar in vervoering brengt. Daarnaast is het moeilijk om de ogen af te houden van het geweldige samenspel tussen de drie dames en de twee mannen op het podium. De kleine knikjes, de lichaamsbewegingen, de sturende ogen -ze dragen bij aan een fantastische ervaring, hier in de kleine zaal van Paradiso, op een druilerige dinsdagavond. En dan te bedenken dat er nog steeds mensen bestaan die een avond tv kijken op de bank verkiezen boven een Erlebnis als deze…

(Geschreven voor Jimmy Alter)

dinsdag 13 december 2011

Thurston Moore creëert bijzondere momenten in De Duif

Thurston Moore

+ Head of Wantastiquet

De Duif, Amsterdam
12-12-2011


Rolling Stone plaatste hem op nummer 34 in de top 100 beste gitaristen aller tijden. Niet zozeer voor zijn technische spel als wel voor zijn kwaliteit om virtuoze geluidsstructuren te creëren. Ik heb het hier over Thurston Moore, gitarist/zanger van de legendarische altnoiserockers Sonic Youth, de band die Kurt Cobain inspireerde Nirvana op te richten. Moore stond afgelopen maandag met zijn solo muziek in de Amsterdamse kerk De Duif. Een mooie gelegenheid om eens polshoogte te nemen.

De Paradiso heeft al een aantal jaar een samenwerkingsverband met de Amsterdamse kerk De Duif. Hier worden vaker (pop)concerten gehouden in de fantastische neoclassicistische sfeer van de kerk die in 1796 gebouwd is. Deze avond staat Thurston Moore op het programma, de toch wel legendarische gitarist van de al even legendarische band Sonic Youth. Vanavond is hij echter solo, hoewel omgeven door een voltallige band. Als voorprogramma heeft hij deze tour Head of Wantastiquet meegenomen.

Er is veel ouder volk deze avond, maar toch ook genoeg twintigers die geinteresseerd zijn in het solo werk van Moore. De Duif staat vol met zitplaatsen, wat zorgt voor een intieme setting. Rond acht uur verschijnt Paul Labrecque op het podium, de man achter het project Head of Wantastiquet, met een prachtige electrische gitaar. Samen met een harpiste en een semi-akoestische gitarist begint hij aan het opbouwen van wat een mooie soundscape blijkt te zijn.

Er wordt slechts een nummer gespeeld, met een langzame opbouw. Na een minuut of tien wordt er pas percussie toegevoegd aan het geluid dat geweven wordt door de harp, de twee gitaren en af en toe een hoge, woordenloze zanglijn van Labrecque. Weer vijf minuten later voegt een violiste zich toe bij het geheel en ondertussen is de muziek bijna ongemerkt steeds voller geworden, steeds verder ingekleurd met details en herhalende mantra’s. Dan opeens is het voorbij, na een klein half uurtje. Meer krijgen we niet en Labrecque en de rest van de band lopen onder verdiend applaus het podium af.

De Duif is ondertussen zeer goed gevuld, hoewel het concert niet uitverkocht is. Toch zijn vrijwel alle stoelen bezet en staan er zelfs mensen langs de zijkanten en de achterkant. Even na negenen komt Thurston Moore dan het podium op, geflankeerd door dezelfde band die eerder Paul Labrecque begeleidde. Moore komt relaxed over en zet gelijk de toon voor de avond als hij commentaar geeft op zijn microfoonstandaard, terwijl hij deze repareert: “Als dit een computer was geweest, dan zou dit een lange avond worden...”


door MegaStormx


Voordat hij overgaat tot het eerste nummer ‘Queen Bee and her Pals’, draagt hij het uitgebreid op aan de inmiddels overleden beat-dichter Allen Ginsberg en en passant ook nog aan diens collega-vrienden Gregory Corso en William Burroughs, “who have always disputed the tyrants and have always considered themselves pariahs”. Het publiek luistert stil en lacht op de momenten van de grapjes -dit belooft een mooie avond te worden. De Duif is er ook een ideale locatie voor en de akoestiek blijkt perfect te zijn.

De tweede track die gespeeld wordt is ‘Psychic Hearts’ van het gelijknamige album uit 1995. Live verwordt dit nummer tot een Sonic Youth-achtig luisterspel, met een excentrieke vreemdheid die psychedelisch Brits klinkt, maar tegelijk ook doet denken aan het werk van the Fugs (waar Ginsberg ook aan gelieerd was). Een harp is wellicht niet het eerste instrument waarbij men moet denken bij noisy gitaarmuziek, maar vanavond laat deze harpiste zien wat het instrument allemaal nog meer vermag dan slechts engelen begeleiden.

Moore speelt geweldig en wordt ook fantastisch ondersteund door de rest van de band, die de muziek weet te laten leven. De Sonic Youth-achtige nummers nemen het publiek mee, weg vanuit de neoclassicistische stijl mee de Factory in, mee naar de wonderlijke wereld van Warhol. Dit laatste kan ook komen door het nonchalante haar en dito oogopslag van Moore, die soms wel iets van hem weg lijkt te hebben. De noisy muziek klinkt krachtig en er klinkt een zekere noodzaak in door, alsof eenzaamheid of gekte de maker op de hielen zit en het spelen van muziek de enige manier van verlossing is.

Het tweede deel van de show is meer ingetogen en de nadruk ligt meer op de nummers van het dit jaar verschenen solo-album Demolished Thoughts. Tijdens deze rustigere nummers hangt er soms een zweem van een Lou Reed of een David Bowie rondom Moore, die met zowel zijn spel als zijn performance laat blijken een groot muzikant en markante persoonlijkheid te zijn. Ondertussen zorgen de viool, tweede gitaar en percussie voor een warme kleur in de klanken.

Het spel van de harpiste is werkelijk wonderlijk te noemen. Het is geweldig om haar handen, vooral tijdens de snelle chaotische stukken die nog steeds af en toe opduiken, over de snaren te zien vliegen. Alsof ze middels haar harp op onnavolgbare wijze een web van lagen muziek fabriceert, een web dat de luisteraar omzwachtelt met een vredig gevoel. Een web waarin de luisteraar met geen mogelijkheid uit kan ontsnappen, maar dat ook totaal niet zou willen.


door arjenn


Ondertussen zingt Moore “I found a diamant in the gutter”, waarmee hij zijn eigen persoonlijkheid lijkt te reflecteren. Op momenten doet Moore denken aan Tom Waits, alleen dan in een versie die rustelozer is, psychedelischer en meer urbaan, industrieel wellicht. Dan een mooi moment: Moore ziet een jongen naast en onder het podium verdwijnen (richting de wc’s). Hij vraagt aan het publiek of het geen geweldige concertervaring zou zijn als je naar de wc gaat en vervolgens de hele band van het podium stapt en je achterna komt. Na een korte aarzeling kijkt hij de rest van de band aan zegt: “C’mon, let’s do it!” Zo gezegd zo gedaan en de hele band verdwijnt richting de wc’s. De jongen zal het hoogstwaarschijnlijk inderdaad nooit meer vergeten...

Het nieuwere en rustigere werk van Moore wordt sterk gespeeld, maar toch blijft het gevoel kleven dat hij nog sterker is op de heftigere momenten, waarbij het gevoel van vervreemding dieper aankomt bij het publiek dan de pracht van de meer ingetogen nummers. Twee maal draagt Moore poëzie voor tussen de nummers door, wat de toch al dynamische avond nog meer cachet geeft. “Rock n roll / poetry / and the girls lost in it”

De reguliere set eindigt met ‘Blood Never Lies’, waarna het gezelschap onder daverend applaus en donderend voetgeroffel van het podium verdwijnt. Natuurlijk is er een toegift, waarin Moore zelfs zijn jasje uit doet. In een tweede toegift gooit hij ook nog zijn stropdas weg, om vervolgens samen met de andere muzikanten een denderende en gewelddadige climax neer te zetten. Noisy, onaards en tegelijk een geluid dat iedereen doet beseffen dat ie hier en nu bestaat. Na anderhalf uur stopt de muziek dan daadwerkelijk, het publiek in de Duif achterlatend met een grote glimlach, beseffende dat ze getuige zijn geweest van iets bijzonders.

Geschreven voor Jimmy Alter